U heeft nog geen producten in uw winkelmand

Terug naar medicijninformatie

biperideen

Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

  • Oververhitting

    Dit komt doordat u minder gaat zweten en daardoor de warmte minder goed kwijt kunt. Zorg bij koorts of hitte voor voldoende afkoeling, bijvoorbeeld met natte washandjes.

  • Droge mond, doordat u minder speeksel aanmaakt.

    Als u in het begin van de behandeling veel last heeft van een droge mond kunt u de aanmaak van speeksel stimuleren met (suikervrije) kauwgom of door te zuigen op ijsblokjes. Door de droge mond ontstaan sneller gaatjes in uw gebit en ontstekingen van het slijmvlies van de mondholte. Poets en flos extra goed als u merkt dat u last blijft houden van een droge mond. Laat eventueel de tandarts vaker controleren.

  • Ontsteking van de speekselklier. Dit merkt u aan een pijnlijke zwelling voor en onder het oor.

    Eten, kauwen, slikken en de mond wijd openen doen dan pijn.

  • Moeilijk kunnen plassen. Als u een vergrote prostaat heeft, kunt u meer klachten krijgen.

    Neem contact op met uw arts als u dit merkt.

  • Overgevoeligheidsreacties, zoals huiduitslag

    Geef aan de apotheker door dat u overgevoelig bent voor dit medicijn. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit medicijn niet opnieuw krijgt.

  • Huidverschijnselen kunnen ook ontstaan onder invloed van UV-licht (zon, zonnebank, UV-lamp).

    Merkt u dat u huidklachten krijgt door blootstelling aan zonlicht? Blijf dan uit direct zonlicht, met name tussen 10.00 en 15.00 uur, draag beschermende kleding, waaronder hoed en zonnebril, smeer een zonnebrandmiddel met minimaal factor 15 op, gebruik lippenbalsem met minstens factor 15, ga niet onder de zonnebank. Neem bij een ernstige reactie op de zon direct contact op met uw arts.

  • Misselijkheid en verstopping

    Neem dit medicijn daarom bij het eten of met wat voedsel in. U heeft dan minder last van deze bijwerking. Deze bijwerking gaat meestal over als u aan dit medicijn gewend bent. Neem contact op met uw arts als u wel last blijft houden. Mogelijk kan de arts u tijdelijk een medicijn tegen de misselijkheid voorschrijven, tot u gewend bent geraakt aan de dit medicijn.

  • Trage hartslag of juist een versnelde hartslag

    Neem contact op met uw arts als u dit bemerkt.

  • Duizeligheid bij opstaan, vooral bij opstaan uit bed of uit een stoel

    Zorg ervoor dat u langzaam opstaat uit liggende of zittende houding. Voelt u zich toch duizelig, dan kunt het beste even gaan liggen en de benen wat hoger leggen, bijvoorbeeld op een kussen. Deze klacht gaat meestal binnen enkele dagen tot weken over als uw lichaam zich heeft ingesteld op dit medicijn. Als u na enkele weken nog steeds last heeft van duizeligheid, moet u uw arts raadplegen.

  • Slaperigheid en vermoeidheid. Hierdoor kan uw reactievermogen afnemen.

    Rijd geen auto als u slaperig wordt van dit medicijn. Meestal wordt deze bijwerking minder als u aan dit medicijn gewend bent. Als u hier last van blijft houden, overleg dan met uw arts.

  • Wazig zien doordat u moeilijker scherp kunt stellen, en gevoeligheid voor licht

    Raadpleeg uw arts als u hier veel last van heeft.

  • Verhoogde oogboldruk (glaucoom)

    Als u glaucoom heeft en u bent hiervoor onder behandeling is er meestal geen probleem. Vertel uw arts wel dat u dit medicijn heeft gebruikt.

  • Hoofdpijn

    Raadpleeg uw arts als u hier last van blijft houden.

  • Psychische klachten, zoals verwardheid, nervositeit, angstgevoelens, prikkelbaarheid, opwinding, waanvoorstellingen (hallucinaties) of geheugen- en concentratiestoornissen. Vooral bij mensen die die al psychische klachten hebben of ouder zijn dan 65 jaar.

    Neem contact op met uw arts als u hier last van krijgt. Mogelijk moet de dosering worden aangepast. Als u al psychische klachten heeft, zoals waanvoorstellingen of psychose, geef dan aan uw psychiater door dat u dit medicijn gaat gebruiken. Uw psychiater kan deze klachten extra in de gaten houden.

  • Late bewegingsstoornissen (tardieve dyskinesie). U merkt ze in eerste instantie aan zuig-, kauw- en smakbewegingen, bewegingen van de tong en grimassen en tics van het gezicht. Of aan buig- en strekbewegingen van vingers en tenen, dansachtige bewegingen van armen en benen en zwaai- of draaibewegingen van schouders en bekken. Heeft u al last van tardieve dyskinesie? Neem dan contact op met uw arts. De verschijnselen kunnen door dit medicijn verergeren. Misschien kan de arts een ander medicijn voorschrijven.

     

    Als deze bijwerkingen ontstaan is dat meestal na langdurig gebruik (meerdere maanden). Soms komen ze pas aan het licht als u met dit medicijn bent gestopt. Na stoppen nemen de verschijnselen na verloop van tijd af, maar bij een deel van de mensen gaat deze bijwerking niet meer helemaal over.

Uitleg frequenties

Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

Copyright © 2021 Service Apotheek Beheer. Alle rechten voorbehouden.
IDeal Visa Mastercard
TOP